Dat hangt af van waar u woont

Een zeer belangrijk uitgangspunt bij het bepalen van het tracé van de verbinding is afstand houden van de nieuwe lijn tot aan bebouwing. Echter in een drukbevolkt land als het onze is het niet te voorkomen dat er mensen zijn die met de verbinding te maken krijgen. Hoe en in welke hoedanigheid u met de verbinding te maken krijgt, zal afhankelijk zijn van waar u precies woont.

Grondeigenaren en grondgebruikers

Met de grondeigenaren of gebruikers die een hoogspanningsverbinding over hun perceel krijgen sluit TenneT een zakelijk recht overeenkomst (ZRO) voor het recht van opstal. Het ministerie van EZ en TenneT (al dan niet via ingehuurde rentmeesters) zullen grondeigenaren en –gebruikers persoonlijk informeren indien zij mogelijk direct met de verbinding te maken krijgen.

Lees meer...

Zakelijk recht overeenkomst (ZRO)

Een ZRO is een overeenkomst tussen TenneT en een eigenaar of gebruiker van een perceel waarin de rechten en plichten van beide partijen zijn vastgelegd. Dat wil zeggen dat TenneT een hoogspanningsverbinding mag bouwen, onderhouden en eventueel verwijderen. Tevens is hierin opgenomen dat, hoewel TenneT geen eigenaar van de grond is, wel eigenaar van de verbinding is. TenneT vergoedt alle schade die het directe gevolg is van de aanleg of aanwezigheid van de hoogspanningsverbinding.

De zakelijk recht overeenkomst geldt voor de zogenaamde zakelijk rechtstrook (ZRO-strook). Dat is de zone onder een hoogspanningsverbinding waarover TenneT vrij moet kunnen beschikken tijdens de bouw en het onderhoud van de lijn. Hoe breed de ZRO strook precies is, verschilt per project en per mastlocatie.

Eerst betredingstoestemming

Voordat er een zro kan worden afgesloten  zullen er op de plaatsen waar masten gepland zijn diverse onderzoeken worden uitgevoerd. Het gaat onder andere om bodem, water, - flora & fauna- en archeologische onderzoeken. De informatie verkregen uit deze onderzoeken wordt gebruikt voor de voorbereiding van de vergunningsaanvragen zoals omgevingsvergunningen en lozingsvergunningen. Bovendien is deze informatie nodig voor het technisch ontwerp van de verbinding. Voor het uitvoeren van deze onderzoeken zal toestemming worden gevraagd aan de eigenaren en gebruikers van de percelen waarop deze uitgevoerd worden. Deze toestemming heet betredingstoestemming.

Gedoogplicht en duldingsplicht

Hoewel we daar natuurlijk niet vanuit gaan is het  mogelijk dat de rentmeester (namens TenneT) met de landeigenaar of gebruiker met betrekking tot de ZRO niet tot overeenstemming komt. In dat geval zal TenneT een verzoek indienen bij de minister van Infrastructuur en Milieu om de gedoogplicht op te leggen. Dat wil zeggen dat, als TenneT aan al haar verplichtingen heeft voldaan, de grondeigenaar door het Rijk verplicht wordt om de hoogspanningsverbinding op zijn perceel te gedogen. (Met betrekking tot de betredingstoestemming kan TenneT, indien niet tot overeenstemming gekomen wordt, een verzoek indienen bij de Burgemeester en Wethouders (duldingsplicht)).

Het is uitdrukkelijk niet de wens van TenneT om in zo'n situatie terecht te komen. De praktijk leert dat alle partijen het beste af zijn als langs de normale weg tot overeenstemming wordt gekomen. Voor TenneT betekent dat naast het feit dat wij hechten aan een goede relatie, tijdwinst en minder kosten. Voor de landeigenaar leidt een langs minnelijke weg bereikte overeenstemming over het algemeen tot de hoogste vergoeding.

Nadat de aanvraag voor het opleggen van de gedoogplicht bij het ministerie is ingediend heeft deze zes maanden de tijd om een beslissing te nemen.

De onderzoeken

Niet alle onderzoeken die hierna staan beschreven zullen overal worden uitgevoerd. Welke onderzoeken precies plaatsvinden, hangt onder meer af van de resultaten van eerdere onderzoeken, technische vragen en voorschriften voor vergunningsaanvragen. In de gesprekken die de rentmeesters voeren met de betreffende eigenaren en gebruikers wordt aangegeven welke onderzoeken voor hun perceel aan de orde zijn.

Voor het uitvoeren van de onderzoeken huurt TenneT gespecialiseerde bureaus in die specifieke expertise op het gebied van de genoemde onderzoeken hebben. De rentmeester zal grondeigenaren en -gebruikers informeren over de aard en het tijdstip van de onderzoeken op hun perceel.

Cultuurtechnisch onderzoek

Bij dit onderzoek bestuderen de onderzoekers de structuur van de bodem. Het doel van het onderzoek is de schade als gevolg van de aanleg van de hoogspanningsverbinding te voorkomen; dan wel te beperken door de toegangswegen en bouwplaatsen aan te leggen volgens de adviezen uit dit cultuurtechnisch onderzoek. Het onderzoek vindt plaats met een handboor. Afhankelijk van het grondgebruik, nemen de onderzoekers grondmonsters voor verdere analyse in het laboratorium. Op basis van de analyse stellen zij een advies op over de wijze waarop de grond het beste beschermd kan worden om de cultuurtechnische staat te behouden en/of te herstellen. Het onderzoek op het land duurt per mastlocatie maximaal een halve dag  en brengt nagenoeg geen schade toe aan de grond.

Grondmechanisch onderzoek

Bij dit grondonderzoek bepalen onderzoekers met behulp van een mechanische sondering of de bodem geschikt is voor bebouwing met een mast en welke fundering daarvoor nodig is. De sondering voeren zij uit met een speciaal daarvoor ingerichte sondeerwagen. In de sondeerwagen bevindt zich een hydraulische pers welke de sondeerstaven de grond in drukt om zo de weerstand en de wrijvingsweerstand van de bodem te meten. Deze twee factoren bepalen de draagkracht van de bodem. De draagkracht van de bodem bepaalt hoeveel en tot welke diepte de aannemer tijdens de bouw moet heien.

Het bodemonderzoek kan verder bestaan uit diverse andere onderdelen. Naast draagkracht kunnen onderzoekers de bodem bijvoorbeeld onderzoeken op verontreiniging en op samenstelling (milieukundig onderzoek). Hiervoor zullen zij grondmonsters nemen die in het laboratorium worden geanalyseerd.

(Grond-)wateronderzoek

Aannemers bouwen de masten van TenneT op betonnen funderingen. Het beton voor de funderingen storten zij in bouwkuipen die droog moeten zijn. Om deze kuipen droog te houden zal grondwater moeten worden opgepompt. Door voorafgaand aan de bouw tijdens een grondwateronderzoek peilbuizen aan te brengen, kunnen onderzoekers berekenen hoeveel grondwater er moet worden opgepompt. Daarnaast kunnen de onderzoekers effecten op de omgeving veroorzaakt door het oppompen, in kaart brengen net als de kwaliteit van het grondwater. Dat laatste is nodig omdat de aannemers het opgepompte grondwater meestal lozen op sloten en deze niet verontreinigd mogen worden. De onderzoekers plaatsen de peilbuizen (enkele per mastlocatie) met behulp van handboringen.

Archeologisch onderzoek

Uit de onderzoeken die voor het milieueffectrapport (MER) worden uitgevoerd, blijkt waar een hoge trefkans is voor archeologische overblijfselen. Blijkt er in bepaalde gebieden een hoge trefkans dan kan het nodig zijn om op percelen in dat gebied, waar een mast gepland staat, verder onderzoek uit te voeren. In het milieueffectrapport staat ook voor gebieden waar een hoge trefkans is, beschreven hoe daar de verdere onderzoeken moeten worden gedaan; handboren, proefsleuvenonderzoek of een ontgraving. In eerste instantie zullen onderzoekers de boringen voor het cultuurtechnisch en grondwateronderzoek gebruiken om inzicht te krijgen in de archeologische toestand. Proefsleuven of ontgravingen zullen vermoedelijk niet, of slechts zeer incidenteel plaats moeten vinden.

Explosieven- en munitieonderzoek

Op behoorlijk wat plekken in Nederland zijn er in de ondergrond nog explosieven uit de Tweede Wereldoorlog te vinden. Het gaat om niet-ontplofte vliegtuigbommen (blindgangers), granaten en mijnen. Met dit onderzoek wordt de aanwezigheid van explosieven en munitie in kaart gebracht en zo nodig worden deze verwijderd. Het onderzoek vindt vanaf maaiveld plaats met detectoren. Er vindt, als er geen explosieven worden  aangetroffen, geen verstoring van de bodem plaats.

Flora- en faunaonderzoek

In een flora- en faunaonderzoek inventariseren onderzoekers of en welke volgens de Flora- en faunawet beschermde dieren en planten in het werkgebied voorkomen en wat de effecten van de aanleg van het tracé op die soorten zijn. Om vertraging in de planvorming en uitvoering te voorkomen, wordt dit onderzoek altijd in een vroeg stadium uitgevoerd. Grondeigenaren en gebruikers kunnen te maken krijgen met onderzoekers op hun land die bijvoorbeeld de hoogte van de bomen meten of en welke vissoorten er in de sloten zitten. Voor deze onderzoeken vindt uitsluitend betreding van de percelen plaats. De bodem wordt niet verstoord.

Schade als gevolg van de onderzoeken

Voor alle onderzoeken die uitgevoerd worden geldt uiteraard dat TenneT alle gewassen- en structuurschade vergoedt.

Woningen in de magneetveldzone

TenneT werkt met de grootst mogelijke zorg aan het garanderen van een betrouwbaar elektriciteitsnet. Dat brengt met zich mee dat het nodig is nieuwe verbindingen te bouwen. Allereerst proberen we bij het bepalen van het tracé zoveel mogelijk woningen te vermijden. In sommige gevallen echter komt zo'n nieuwe verbinding dusdanig dicht  bij een woning te staan dat het voorzorgbeginsel van toepassing is.

Lees meer...

Voorzorgbeginsel

De toenmalige staatssecretaris van VROM  heeft in oktober 2005 gemeenten, provincies en netbeheerders geadviseerd om zoveel mogelijk te vermijden dat er nieuwe situaties ontstaan waarbij kinderen langdurig verblijven in de directe omgeving van hoogspanningslijnen. Het advies heeft betrekking op plekken waar kinderen normaal gesproken langdurig verblijven, zoals woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen. Deze plekken worden ook wel 'gevoelige bestemmingen' genoemd. Gemeenten kunnen rekening houden met dit advies in hun bestemmingsplannen, waarin staat waarvoor bepaalde gebieden binnen de gemeente gebruikt mogen worden. Omgekeerd geldt ook dat er bij de bouw van nieuwe hoogspanningslijnen rekening gehouden wordt met al bestaande woningen, scholen, crèches en kinderopvangplaatsen.

Helaas is het niet altijd mogelijk om deze gevoelige bestemmingen te vermijden. Voor gevoelige bestemmingen wordt in deze situaties een bod tot uitkoop gedaan.

Hoe breed de magneetveldzone is, is afhankelijk van verschillende factoren zoals de stroomsterkte, het type mast, de hoogte van de masten, het aantal circuits, hoe de geleiders zijn opgehangen etc. Van elke locatie wordt de magneetveldzone precies berekend.

Verhuizen of niet?

TenneT zal bewoners wiens woningen op basis van het inpassingsplan binnen de zone van 0,4 Microtesla van de nieuwe verbinding staan, een voorstel tot uitkoop doen. Indien betrokkenen liever in hun woning blijven wonen, kan een beroep gedaan worden op schadeloosstelling. Het uitgangspunt hierbij is dat de vermogens- en inkomenspositie voor en na de aanleg van de hoogspanningsverbinding gelijk blijft.

Met de mensen die op grond van de indicatieve zone een gevoelige bestemming zijn, zullen door TenneT gesprekken worden gevoerd. In eerste instantie om de bewoners te informeren en later om ook principeafspraken te maken.

Stallen en bedrijfsgebouwen vallen niet onder het voorzorgsbeginsel. Hiervoor gelden andere schaderegelingen. De rentmeester zal betrokkenen hierover informeren.

Omwonenden

Omwonenden kunnen volgens de regels van het burgerlijk recht eventueel in aanmerking komen voor planschade. Dat betekent dat zij een vergoeding kunnen krijgen voor een eventuele waardedaling van hun woning.

Lees meer...

Planschade

In opdracht van de Ministeries van Economische Zaken (EZ) en Infrastructuur en Milieu (IenM) legt TenneT de Randstad 380kV-hoogspanningsverbinding aan. De locatie, het tracé en de uitvoeringswijze van het project Randstad 380kV is vastgelegd in een inpassingsplan. Dit plan bestaat naast het bestaande bestemmingsplan.

Deze verandering van het bestemmingsplan door de rijksoverheid kan voor u als burger, bedrijf of overheidsinstantie gevolgen hebben. Als u denkt schade door dit plan te ondervinden, zoals waardevermindering van uw huis, of inkomensderving, dan kunt u mogelijk in aanmerking komen voor een financiële tegemoetkoming in planschade.

Waar wordt de aanvraag ingediend?

U stuurt uw aanvraag naar het College van b en w van uw eigen gemeente. Zij sturen dit door naar het AgentschapNL dat de aanvragen behandelt. Aan het indienen van een aanvraag zijn kosten verbonden.
De hele procedure kan al snel 10 maanden tot een jaar duren.

Checklist indienen aanvraag
 

  • U dient de aanvraag binnen 5 jaar na het onherroepelijk worden van het Inpassingsplan
  • U bent direct belanghebbende bij het plan
  • U hebt de schade niet kunnen voorzien
  • De schade valt niet binnen het maatschappelijk risico
  • U hebt de schade niet kunnen voorkomen of verminderen door er zelf actief iets tegen te ondernemen
  • De schade wordt niet op een andere manier vergoed
  • Uw aanvraag bevat alle gevraagde gegevens

Schade tijdens het werk in uitvoering

De uitvoering van de werkzaamheden bij de aanleg van de Randstad 380kV-hoogspanningsverbinding kan ook schade veroorzaken. Dit valt niet onder ‘ Planschade’. Lees hier meer over zaaks-, en gevolgschade.

De meest gestelde vragen over wat de verbinding verder voor u betekent vindt u via het vragenmenu. Staat uw vraag er niet bij? Stuur dan via het vragenformulier uw vraag naar ons toe.