Overal ondergronds is niet verantwoord

Bovengronds is uitgangspunt


In Nederland en de rest van Europa zijn 380 kV hoogspanningverbindingen vrijwel overal bovengronds aangelegd op hoogspanningsmasten. Wereldwijd is er nog te weinig kennis en ervaring om dergelijke verbindingen op grote schaal ondergronds aan te leggen. De rijksoverheid hanteert daarom ook als uitgangspunt dat nieuwe 380 kV verbindingen bovengronds worden aangelegd. In bijzondere gevallen kan daarvan worden afgeweken – met name voor kortere trajecten – maar daar gelden dan wel belangrijke restricties voor.

In 2008 heeft TenneT aangegeven maximaal 20 km 380 kV-kabel verantwoord in het Nederlandse, vermaasde hoogspanningsnet ondergronds aan te kunnen leggen. De tracélengte van 20 km – met een totale kabellengte van 240 km – was op dat moment op de grens van wat wereldwijd in de praktijk was beproefd. Bij het opstellen van Rijksinpassingsplannen voor de aanleg van nieuwe 380 kV-verbindingen is sindsdien deze 20 km als landelijk maximum gehanteerd.

Kan er inmiddels meer dan 20 km ondergronds?

Tot begin 2015 hanteerden de Ministers van EZ en IenM en TenneT een tracélengte  van 20 km als maximum aantal kilometers dat in Nederland in het vermaasde 220/380kV-net als ondergrondse kabel kan worden aangelegd. Op basis van de  tussentijdse resultaten van het onderzoeksprogramma met de TU Delft en Eindhoven aan de 10 km kabel die inmiddels in bedrijf is en aanvullend onderzoek van TenneT en derden, heeft TenneT geconcludeerd, dat er behoedzaam verdere stappen kunnen worden gezet.

De belangrijkste conclusies:
 

  • TenneT houdt er rekening mee, dat er situationeel meer kan worden verkabeld, mits de kabeltracés geografisch worden gespreid.
     
  • De resultaten en aanvullend onderzoek tonen verder aan dat verkabeling van 380 kV een zeer complexe aangelegenheid blijft. Inpassing van ondergrondse kabels in het bovengrondse hoogspanningsnet kan in sommige situaties leiden tot spanningspieken met mogelijk stroomstoringen tot gevolg. De kans op dergelijke spanningspieken neemt toePer situatie zal daarom op basis van de huidige netconfiguratie en de verwachte toekomstige ontwikkelingen moeten worden bestudeerd of verder verkabelen mogelijk is.
    • naarmate er meer kabel in het net is aangelegd. Dit geldt niet alleen voor kabels in het vermaasde net maar ook voor ondergrondse aansluitingen van productie.
    • naarmate er conventioneel productievermogen wordt vervangen door zonne- en windenergie.
  • Los van de bepaling van de technische mogelijkheden voor toepassing van ondergrondse kabels blijft het zeer ongewenst om kabels op te nemen in verbindingen, die cruciaal zijn voor de stroomvoorziening op landelijk of Europees niveau. De hersteltijd bij storingen van 380 kV kabels is relatief lang (ordegrootte van drie weken) en dat zorgt juist bij cruciale verbindingen voor ongewenste leveringszekerheidsrisico's met mogelijke grote impact.

Verdere beleidsontwikkeling

De minister van Economische Zaken zegt in een reactie op de nieuwe inzichten van TenneT  dat hij vooralsnog onderschrijft dat het ongewenst is om in cruciale hoogspanningsverbindingen kabels aan te leggen. Hij zal verder een bureau vragen om een second opinion studie te doen naar de analyse die TenneT heeft uitgevoerd. Hij verwacht de Tweede Kamer rond de zomer van 2015 te informeren over zijn definitieve standpunt.

Wat betekent het voor dit project?

Het nieuwe beleid op het gebied van ondergrondse aanleg van 380 kV verbindingen heeft geen consequenties voor de DW 380 kV verbinding. Bij het project Randstad 380 kV Noord-ring wordt in totaal 10 kilometer ondergronds toegepast. Daarnaast is al 10 kilometer in de Zuid-ring gerealiseerd. De planologische procedure voor Randstad 380 kV Noord-ring is afgerond.